Levend mastermind

In de week van 21 juni hadden wij onze kampdagen met groep 7/8. Ieder jaar probeer ik minimaal één nieuw spel te introduceren op kamp en dit jaar was dat het spel levend mastermind. Tijdens mijn zoektocht naar kampspelen kwam ik dit spel een aantal keer tegen met een redelijke speluitleg, maar nergens echt heel duidelijk. Ook vond ik nergens de materialen om met dit spel aan de slag te gaan. Een goede reden dus om het spel uit te werken, zodat meer leerkrachten dit spel kunnen spelen met hun klas.

Benodigdheden
  • Acht verschillende stiften
  • Groene en blauwe stift voor de leerkracht
  • Leeg invulblad per groepje
  • Ingevuld antwoordenblad per groepje
  • Grote ruimte om het te kunnen spelen
Spelregels

Het doel van het spel Mastermind is het kraken van de code. Bij Levend Mastermind is dit doel hetzelfde, maar er moet iets meer moeite gedaan worden om de code in te kunnen vullen.

De voorbereidingen

Voor ieder groepje wordt met de gekozen stiften een antwoordblad ingevuld. Iedere kleur mag maar één keer gebruikt worden en iedere groep heeft een eigen code die gekraakt moet worden. Bijvoorbeeld:
– Groep 1: rood – geel – paars – bruin
– Groep 2: geel – zwart – rood – roze
– Groep 3: oranje – geel – roze – bruin

De kleuren groen en blauw worden niet gebruikt, want die zijn nodig voor het controleren.

Op de plek waar het spel gespeeld gaat worden, worden acht stiften verstopt. Om het moeilijker of makkelijker te maken kan dit aantal gewijzigd worden. Daarna wordt de groep in kleine groepjes verdeeld en krijgt iedere groep een invulblad.

In mijn groep heb ik ervoor gekozen om de groep te verdelen in negen groepjes van drie. Groepjes van twee zou ook nog kunnen en eventueel vier, maar vier is al best veel.

Spreek vooraf goed met de leerlingen af of de controlebolletjes worden ingevuld op volgorde of eerst het aantal groene en dan het aantal blauwe.

Bijvoorbeeld:

Groep 1 heeft de code rood – geel – paars – bruin. Zij hebben geel op de goede plek gekleurd en wel een paars hokje, maar niet op de goede plek. Je kunt dan wit – groen – blauw – wit kleuren. Om het moeilijker te maken (dat deden wij) kleur je: groen – blauw – wit – wit.

Het spel

Als alle groepjes een invulblad hebben gekregen wordt er afgeteld en mogen de leerlingen starten. De leerlingen gaan op zoek naar de verstopte stiften. Als ze een kleur gevonden hebben, kleuren ze een hokje en leggen de stift weer terug op de gevonden plek. Iedere kleur kan maar één keer in de code zitten.

Zodra alle vier de hokjes op een rij gekleurd zijn, laten ze hun code controleren. Met groen wordt aangegeven hoeveel hokjes er goed gekleurd zijn op de goede plek. Met blauw wordt aangegeven dat een kleur in de code zit, maar nog niet op de goede plek.

Met deze informatie gaan de leerlingen weer op zoek naar de stiften en kleuren weer vier hokjes. Met hun nieuwe code komen ze terug naar het controlepunt en laten met groen en blauw checken hoe ze het nu gedaan hebben. Dit gaat zo door totdat ze vier groene bolletjes hebben gekregen en de code hebben gekraakt.

De bedoeling is om de code in minder dan 10 pogingen te kraken. Het groepje dat het minst altijd pogingen nodig heeft, heeft gewonnen.

Downloads

Share Button